MasterKas met René Beerkens

In de glastuinbouw is data overal. Sensoren meten meer dan ooit, klimaatcomputers worden slimmer en systemen nemen steeds meer routinewerk over. Maar daarmee wordt telen niet vanzelf eenvoudiger. Sterker nog: volgens René Beerkens vraagt deze tijd juist om méér plantbegrip, scherpere keuzes en betere samenwerking. 

René werkt al ruim 25 jaar bij Hoogendoorn Growth Management en is actief als Senior Data Driven Growing Specialist. Daarnaast is hij als consultant betrokken bij Plant Empowerment, waar experts uit verschillende bedrijven samenwerken aan een betere, duurzamere en weerbaardere manier van telen. In deze MasterKas deelt hij zijn visie op datagedreven telen, de veranderende rol van de teler en de toekomst van technologie in de kas. 

 

Je werkt al ruim een kwart eeuw bij Hoogendoorn (gefeliciteerd nog!) en hebt veel ontwikkelingen meegemaakt. Als je kijkt naar vandaag: wat typeert dit moment in de glastuinbouw volgens jou? 

 

René: “We zitten niet in een gewone fase. De sector wordt op alle fronten tegelijk uitgedaagd. Energieprijzen, arbeidsschaarste, duurzaamheidseisen, wet- en regelgeving en digitalisering komen allemaal samen. Daardoor wordt telen niet alleen complexer, maar ook minder vergevingsgezind. Vroeger kon je sommige dingen nog compenseren met ervaring of gevoel. Nu moet het gewoon kloppen. Wat ik vooral zie, is schaarste aan inputs. Energie is niet vanzelfsprekend. Arbeid is niet vanzelfsprekend. Middelen om snel te corrigeren zijn niet vanzelfsprekend. Tegelijk ligt alles onder een vergrootglas. Publieke opinie, wetgeving en maatschappelijke druk spelen een veel grotere rol dan vroeger.”  “Voor mij is de rode draad al jaren: probeer van elk gevoel een getal te maken. Niet omdat gevoel waardeloos is, maar omdat je gevoel overdraagbaar moet maken. Vroeger liep je met iemand door de kas en zei je: dit is goed of dit is niet goed. Maar ieder individu heeft zijn eigen rugzak met ervaring. Zet tien telers en tien adviseurs in dezelfde kas en je krijgt twintig meningen. Data helpt om dat gesprek objectiever te maken.” 

“De winnaars van morgen zijn niet de telers die de meeste data hebben. Het zijn de telers die data weten te vertalen naar scherpe keuzes.” 

 

We hebben steeds meer data, sensoren en systemen tot onze beschikking. Maar benutten we die ook goed genoeg? Waar zit volgens jou het grootste gat tussen techniek en praktijk? 

 

René: “We hebben geen tekort aan technologie. We hebben een tekort aan toepassing. Iedereen meet meer, maar dat betekent niet automatisch dat er beter gestuurd wordt.  Het probleem zit niet in de sensoren. Het probleem zit vaak in het gebrek aan samenhang. Klimaat, water, energie en arbeid worden nog te vaak los van elkaar bekeken, terwijl ze in de kas continu invloed op elkaar hebben. Technologie zonder plantbegrip geeft schijnzekerheid.  Je moet weten waarom je iets doet. Niet alleen dát je het kunt meten. Anders krijg je dashboards vol cijfers, maar zonder richting. Dan verdrink je in data.” 

“Daar zit ook een mindsetverandering. Telers krijgen steeds vaker nieuwe technieken tegelijk: LED, nieuwe schermen, nieuwe sensoren, andere klimaatstrategieën. Het is alsof je in een Formule 1-auto stapt en meteen in je eerste ronde een ronderecord moet rijden. De marges zijn dun, de ruimte om fouten te maken is klein. Dan heb je niet alleen technologie nodig, maar ook kennis, structuur en een team van experts dat helpt om de juiste beslissingen te nemen.” 

 

Data driven growing klinkt logisch, maar is in de praktijk vaak complex. Wat is volgens jou de grootste misvatting die telers hebben over datagedreven telen? 

 

René: “De grootste misvatting is dat data het werk overneemt. Dat is niet zo. Data ondersteunt je beslissingsproces. In werkelijkheid maakt data vooral zichtbaar waar het goed gaat en waar het fout gaat. Data driven growing betekent niet: meer meten. Het betekent: gerichter sturen. Je moet eerst scherp hebben wat je wilt bereiken. Pas daarna heeft data waarde. Andersom werkt het niet.”  “Je ziet dat telers soms denken: als ik meer meet, word ik automatisch beter. Maar zonder strategie krijg je alleen meer cijfers. Je moet weten welk doel je nastreeft. Wil je meer productie? Meer rust in de plant? Minder energie? Meer weerbaarheid? Een stabielere kwaliteit? Die keuze bepaalt hoe je met data stuurt. Daarom wordt teeltstrategie steeds belangrijker. Niet elke vijf minuten een knopje willen bijstellen, maar sturen op doelen. Hoeveel licht krijgt de plant? Welke temperatuur en gewasactiviteit past daarbij? Hoe zorg je voor de balans tussen water, energie en de aanmaak en verdeling van assimilaten? Dat is waar data echt waarde krijgt.” 

 

Als systemen steeds meer overnemen, wat blijft dan de rol van de teler? Wordt die rol kleiner of juist belangrijker? 

 

René: “De teler wordt geen operator, maar regisseur. Minder knopjes draaien, meer beslissingen nemen. Systemen kunnen routine overnemen, maar juist daardoor wordt inzicht belangrijker. In standaard situaties kan iedereen produceren. Het verschil wordt gemaakt op de momenten dat het afwijkt. Dan zie je wie de plant echt begrijpt. Technologie vergroot het verschil tussen gemiddelde teelt en topteelt.”  “Ik denk dat systemen steeds vaker opties gaan geven. Scenario’s. Stel dat de energieprijs omhooggaat, wat is dan de beste strategie? Stel dat arbeid beperkt beschikbaar is, wat is dan plan B? Stel dat het weer omslaat, hoe stuur je dan vooruit? Daar kan technologie enorm bij helpen. Maar uiteindelijk blijft de ondernemer degene die keuzes maakt. Een adviseur kan heel goed zijn op zijn eigen gebied, maar de ondernemer ziet het totaalplaatje. Productie, arbeid, energie, markt, risico, winst. Die afweging kun je niet losknippen. Je hebt iemand nodig die met gezond verstand naar alle informatie kijkt en beslist: dit past bij mijn bedrijf.” 

 

Binnen Plant Empowerment draait alles om balans in de plant. Wat is voor jou de kracht van die benadering en waar zie je dat telers daar nog stappen kunnen maken? 

 

René: “Plant Empowerment dwingt je terug naar de kern: balans in energie, water en assimilaten. Geen trucjes, maar begrip. Dat maakt het krachtig en soms ook confronterend. Want als die balans niet klopt, wordt dat vroeg of laat zichtbaar. De kracht is dat je integraal naar de plant kijkt. Niet alleen naar temperatuur, niet alleen naar water, niet alleen naar licht. Alles hangt samen. Telers die dat goed toepassen, telen stabieler en voorspelbaarder.”  Wat ik steeds belangrijker vind, is plantweerbaarheid. Niet reageren op problemen, maar ze voorkomen door de plant sterker te maken. Dat past ook bij de beweging richting meer groen telen. We moeten naar teelten waarin de plant meer in zijn kracht staat en minder kunstgrepen nodig heeft.”  “Daar zit nog veel winst. In Nederland zijn we goed in productie maximaliseren. We kunnen een plant helemaal tot het uiterste sturen. Maar nu komen we in een fase waarin we ook marge moeten houden om de plant gezond en weerbaar te houden. Net als bij mensen: je kunt een tijdje zestig uur per week werken, maar als je dat te lang doet, gaat het mis. Ook een plant heeft balans nodig.” 

“Met data kunnen we vooruitdenken. De plant weet niet dat het morgen zonnig wordt. Wij weten dat wel. Daar kunnen we op sturen. Dat is de echte waarde: niet alleen reageren op wat de plant vandaag laat zien, maar anticiperen op wat eraan komt.” 

 

Je werkt veel samen met andere experts binnen Plant Empowerment. Wat levert die samenwerking concreet op en wat zegt dat over hoe de sector zich ontwikkelt? 

 

René: “De tijd van eilandjes is voorbij. Dit vak is te complex geworden om alleen te doen. De grootste stappen ontstaan juist in samenwerking: telers, onderzoekers, adviseurs en technologiebedrijven die kennis combineren. Binnen Plant Empowerment gebeurt dat heel concreet. Consultants van verschillende bedrijven spreken elkaar, toetsen ideeën, delen inzichten en vullen elkaars kennis aan. Niemand weet alles. Ik weet veel van klimaat en data, maar op andere gebieden heb ik collega’s nodig. En andersom bellen zij mij weer voor mijn visie op klimaatstrategie.”  “Dat is de kracht. Je krijgt een gezamenlijke taal en een gezamenlijke denkrichting. Het gaat niet om losse producten of losse adviezen, maar om een integraal beeld van de kas en de plant. Samenwerking moet wel gericht zijn op vooruitgang. Niet vrijblijvend praten, maar samen leren en doorontwikkelen. Dat zie je ook bij initiatieven als 100% Groen Geteeld en De Eerste Duurzame Generatie. Daar komen partijen samen rond één ambitie: slimmer, weerbaarder en duurzamer telen.” 

“Voor technologiebedrijven geldt hetzelfde. Innovatie ontstaat niet alleen binnen je eigen muren. Je moet onderdeel zijn van het ecosysteem. Wie kennis durft te delen, versnelt. Wie dat niet doet, raakt achterop.” 

 

Als we vijf of tien jaar vooruitkijken: waar zit volgens jou de grootste verandering in hoe we telen? En waar moeten telers zich nu al op voorbereiden? 

 

René: “We gaan van analyseren naar voorspellen. Niet meer alleen achteraf verklaren wat er gebeurde, maar vooraf sturen op wat er gaat gebeuren. Dat is een fundamentele verandering. AI en modellen maken dat mogelijk. Maar alleen als je de basis begrijpt: de plant. Technologie kan rekenen, vergelijken en voorspellen op een manier die een mens niet meer kan overzien. Energieprijzen, weer, arbeid, water, voeding, plantbelasting, lichtsom: al die factoren veranderen continu. Dat kun je niet meer puur op gevoel managen.”  “Tegelijk moet technologie de mens niet vervangen. Dat is niet de essentie. De kracht zit in de combinatie. Laat technologie doen waar zij goed in is: rekenen en voorspellen. En laat de teler doen waar hij het beste in is: begrijpen en beslissen. Ik denk dat de klimaatcomputer steeds meer richting advies zal bewegen. Niet alleen registreren en regelen, maar ook opties aanreiken. Wil je dit doel halen? Dan zijn dit je scenario’s. De eerste mening wordt dan misschien gevraagd aan het systeem, maar de uiteindelijke beslissing blijft bij de mens. 

CS2026 Rene NL.jfif

Geïnspireerd door dit gesprek?

Laat je inspireren door meer inzichten van visionairs uit de tuinbouw

Schermafbeelding 2026-04-29 110052.png

29 apr 2026 | Inzichten

MasterKas met... Marck Hagen

In de vorige editie van MasterKas sprak Mirjam Boekestijn van Dutch Greenhouse Delta over de toekomst van de glastuinbouw. Eén van haar belangrijkste observaties: samenwerking is geen keuze meer, maar een voorwaarde. En daarmee raakt ze een gevoelige snaar: de noodzaak van consolidatie en samenwerking in de sector. Maar wat betekent dat concreet?

CS2026 Mirjam Boekestijn NL.jfif

29 mrt 2026 | Inzichten

MasterKas met... Mirjam Boekestijn

Met MasterKas spreken we mensen die richting geven aan de glastuinbouw van morgen. Voor deze editie gaan we in gesprek met Mirjam Boekestijn, CEO van Dutch Greenhouse Delta. Als dochter van een tuindersfamilie groeide ze op tussen de kassen. Vandaag de dag speelt ze een actieve rol in het versterken van de internationale positie van de Nederlandse tuinbouwsector. Vanuit Dutch Greenhouse Delta brengt ze bedrijven, kennis en netwerken samen om wereldwijd schaalbaar impact te maken met duurzame voedselproductie.

CS2026 Bouke Arends NL.jpg

15 dec 2025 | Project

Masterkas met... burgemeester Bouke Arends

Met dit interview sluiten we de MasterKas-rubriek van 2025 af. Een jaar waarin we toonaangevende leiders, ondernemers en experts uit de glastuinbouwsector vroegen naar hun visie op de toekomst van de kas, de sector en de samenwerking daarbinnen.